
Het zat Prokofjev in 1932 maar weinig mee. Was hij net - na jarenlange ballingschap - opnieuw Sovjetburger geworden, daar klapte voor hem de val van het Stalinisme dicht. De 'verloren zoon' had zich voortaan te plooien naar de triomfalistische hoempapa van een malafide klikspaanesthetica. Met zijn Vijfde symfonie voegde Prokofjev geen sloganeske hymne toe aan het grote Sovjetsongboek, maar kerfde hij een onuitwisbare tag op de façade van een schrikwekkend staatsbestel.
deFilharmonie speelt dit concert ook nog op: